O Oriens

Op 21 december roept de Kerk Christus aan als Oriens — de Morgenzon uit den hoge. Hij is de glans van het eeuwig licht en de Zon der gerechtigheid. In deze aanroeping klinkt het verlangen van allen die in duisternis verkeren: dat Hij kome en verlichte hen die zitten in de duisternis en in de schaduwen des doods.

O Oriens,
splendor lucis aeternae,
et sol justitiae:
veni, et illumina sedentis in tenebris
et umbra mortis.

O Morgenzon, glans van het eeuwig licht en Zon der gerechtigheid:
kom en verlicht hen, die zitten in de duisternis en de schaduwen des doods.

Schrift

De titel Oriens, de opgang of Morgenzon, herinnert aan de belofte van het licht dat in de duisternis zal opgaan (Isaias 9,1–2). De uitdrukking “Zon der gerechtigheid” echoot de profetie van Malachias, die spreekt over de Zon die opgaat met genezing onder haar vleugelen (Malachias 4,2). Dat de Messias komt om te verlichten hen die zitten in duisternis en schaduw van de dood, wordt bezongen in de lofzang van Zacharias (Lucas 1,78–79). In het licht van het Evangelie verstaat de Kerk deze opgang als Christus zelf, het ware Licht dat de wereld verlicht en de mens uit de nacht van zonde en dood voert.

→ Over de Grote O-antifonen
← Terug