Vrijdagmeditatie I over het Heilig Hart van O.H.J.C.

Heilig Hart van Jezus

Overzicht Vrijdagmeditaties

Vrijdagmeditatie over het Heilig Hart van Onze Heer Jezus Christus
door Alexis M. Lepicier O.S.M.

HOOFDSTUK I

Want Hij moet heersen, totdat Hij al Zijn vijanden onder Zijn voeten heeft gelegd. 1 Kor. 15, 25

Het Hart van Jezus, meesterwerk van de rechterhand Gods

Onder alle werken van de rechterhand van de Almachtige is er geen dat de oneindige wijsheid en goedheid van de Schepper duidelijker openbaart dan de heilige Mensheid van Jezus Christus. Aangezien deze allerheiligste en gezegende Mensheid door het Woord moest worden aangenomen in de eenheid van Persoon, opdat zij het werktuig van onze verlossing zou zijn, heeft God haar, bij haar vorming, begiftigd met al de rijkdommen van Zijn oneindige kunst en haar verrijkt met zulk een overvloed aan gaven en voorrechten van natuur en genade, dat zij werd tot het bijzondere voorwerp van Zijn goddelijke welbehagen.

En zo is de Mensheid van Jezus Christus, door de uitnemendheid van haar volmaaktheden, het meest volmaakte werk dat ooit uit de hand van God is voortgekomen.

De Mensheid van onze goddelijke Verlosser werd als het ware het middelpunt en het uittreksel van alle wonderen van het heelal, stralend als een schitterende zon door alle eeuwen heen en verlichtend niet alleen het uitgestrekte menselijk geslacht, maar ook ontelbare scharen van engelen, die nooit moe worden haar goddelijke schoonheid te aanschouwen.

Maar wat onze blik het meest aantrekt en onze genegenheid het diepst weet te boeien in de Mensheid van Jezus, dat is Zijn allerheiligst Hart. Vanaf het ogenblik dat dit Hart op het kruis door de lans werd doorboord en er water en bloed uit voortvloeiden, tot op de dag van vandaag, heeft het Heilig Hart van Jezus zulk een onweerstaanbare invloed op de zielen uitgeoefend, dat niemand van hen die het Koninkrijk Gods in waarheid en gerechtigheid zoeken, zich aan zijn krachtige aantrekking kan onttrekken.

In deze laatste tijden evenwel hebben de gelovigen in steeds groter aantal en met meer vertrouwen dan ooit hun toevlucht genomen tot dit liefderijke Hart, zich geheel aan zijn dienst toewijdend en het uitroepend tot Koning van hun eigen hart. Inderdaad is er nauwelijks een stad of dorp te vinden waar de devotie tot het Heilig Hart van Jezus onbekend is.

Alleen de naam reeds, tegelijk krachtig en zoet, werkt als een trompetsignaal dat de soldaten van Onze Heer tot Hem roept, en als een bevelswoord waarbij alle zielen zich voorwaarts spoeden om te strijden in de krijg van de hemel.

Dat de wonderbare verbreiding van de devotie der gelovigen tot het Heilig Hart niet door toeval tot stand is gekomen, staat buiten twijfel. Wij moeten daarin de onweerstaanbare aandrang zien van de goddelijke Geest, die in deze heilzame devotie voor ons een onuitputtelijke bron van genade en heil wil ontsluiten.

Een christen die uit die zuivere bron wil putten — namelijk uit de devotie tot het Heilig Hart van onze Verlosser, de wateren van het heil — dient allereerst door te dringen tot het inzicht in het voornemen van God bij het voorstellen van dit aanbiddelijk Hart aan onze eerbied en liefde, en vervolgens zich te beijveren de hoge geestelijke betekenis ervan te begrijpen. Laat ons dan zien waarin deze betekenis bestaat.

Jezus Christus, onze geliefde Heer, wordt ons in de Heilige Schrift voorgesteld onder een drievoudig opzicht: als Profeet, Priester en Koning. Als Profeet, want vervuld als Hij was van de Geest en de kracht Gods, heeft Hij de toekomst geopenbaard, de geheimen van alle harten gekend, de natuur geboden, de zieken genezen en de duivelen uitgedreven.

Als Priester, omdat Hij door Zijn Vader was uitverkoren tot het ambt van Verlosser, opdat Hij met Zijn kostbaar Bloed het menselijk geslacht zou vrijkopen uit de slavernij van de duivel; daarom heeft Hij Zichzelf op het hout van het kruis geofferd, tegelijk Priester en Offer, tot verzoening voor onze zonden.

Als Koning en Opperheer, omdat wij aan Hem zijn toevertrouwd, opdat Hij ons zou leiden waarheen Hij wil en ons zou gebieden als Zijn onderdanen.

Aan dit ambt van Koning en Opperheer, dat wij in Jezus Christus erkennen, is de devotie tot Zijn allerheiligst Hart nauw verbonden. Het is daarom onze plicht te trachten te begrijpen dat aan het Heilig Hart toegewijd zijn betekent: ons geheel onderwerpen aan Zijn liefdevolle leiding en in alles niet alleen Zijn geboden, maar ook Zijn verlangens vervullen.

En op deze wijze zullen wij, voor zover het in ons ligt, beantwoorden aan de liefde die Hij ons heeft betoond — een liefde die Hem die ontroerende woorden deed uitspreken: Zie dit Hart, dat de mensen zozeer heeft liefgehad.

En gij, o gezegende Moeder van Jezus, Moeder van de schone liefde, boven alle andere verstandelijke schepselen verlicht door de fonkelende stralen en de zachte warmte van het liefderijke Hart van uw Zoon, die de Kerk aanroept als Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart, beziel ons met zulke gevoelens van godsvrucht jegens uw aanbiddelijke Zoon, open onze harten zo wijd voor de genadige werking van Zijn stralen, dat wij in staat mogen zijn met alle heiligen te begrijpen wat de breedte en lengte en hoogte en diepte is van de liefde die woont in Zijn Hart, dat Koning en Middelpunt is van alle harten (Ef. 3, 18).


Deze meditatie is ontleend aan Jésus-Christ, Roi de nos cœurs, een klassiek geestelijk werk uit het begin van de twintigste eeuw, waarin de verering van het Heilig Hart van Onze Heer Jezus Christus wordt belicht in samenhang met Zijn koningschap over de harten, de Kerk en de wereld.

De auteur, Alexis M. Lepicier O.S.M. (1863–1936), was priester van de Orde der Servieten en een vooraanstaand theoloog en marioloog. Zijn werk werd goedgekeurd en aanbevolen door paus Benedictus XV en kenmerkt zich door een sobere, kerkelijke toon en een sterke verankering in Schrift en Traditie.

Katholieke Klassieken