25 oktober 2026 – Op de laatste zondag van oktober viert de Kerk volgens de oude Romeinse kalender het hoogfeest van Christus Koning. Paus Pius XI stelde dit feest in 1925 in met de encycliek Quas primas, als antwoord op het toenemende laïcisme en de verdringing van Christus uit het openbare leven. Het feest verkondigt Zijn koningschap over personen, gezinnen en volken, en herinnert eraan dat ook de menselijke samenleving aan Zijn gezag onderworpen is.
De paus koos de laatste zondag van oktober omdat het kerkelijk jaar zijn einde nadert. Zo vormt het feest de bekroning van de geheimen van Christus die gedurende het jaar worden gevierd, en verkondigt de Kerk, vlak vóór Allerheiligen, de heerlijkheid van Hem die in al Zijn heiligen zegeviert.
Miniatuur uit het Sacramentarium van Saint-Martial te Limoges, tiende eeuw. Christus verschijnt in koninklijke majesteit binnen een mandorla, omgeven door engelen. Hij heft zijn rechterhand zegenend op en houdt het geopende boek vast. Naast zijn hoofd staan de Griekse letters Alfa en Omega, die verwijzen naar Christus als het Begin en het Einde (Apocalyps 22, 13). Reproductie: Larousse.
Quas primas
In zijn encycliek Quas primas van 11 december 1925 stelde paus Pius XI het feest van Christus Koning in. Hij bevestigde daarin de koninklijke rechten van Christus over alle mensen en volkeren en veroordeelde de uitsluiting van God en zijn Kerk uit het openbare leven. Hieronder volgen enkele passages uit de encycliek.
Het koningschap van onze Verlosser omvat derhalve alle mensen. Wij maken hier graag de woorden tot de onze van onze voorganger Leo XIII, wiens gedachtenis onsterfelijk is: Zijn heerschappij strekt zich niet alleen uit over de katholieke volkeren of over hen die door het heilig doopsel gereinigd zijn en daardoor rechtens tot de Kerk behoren, ook wanneer dwalingen hen op een dwaalweg hebben gebracht of verdeeldheid hen van de liefde heeft gescheiden. Zij omvat eveneens allen die het christelijk geloof niet bezitten, zodat werkelijk het gehele menselijk geslacht onder de macht van Jezus Christus staat.
Laten daarom de bestuurders van de volkeren niet weigeren om persoonlijk en namens hun volk aan de heerschappij van Christus de openbare hulde van eerbied en gehoorzaamheid te brengen, wanneer zij hun eigen gezag willen bewaren en de voorspoed van hun vaderland willen bevorderen.
Wanneer wij nu voorschrijven dat Christus Koning door de gehele katholieke wereld wordt vereerd, zullen wij daardoor tevens voorzien in de nood van onze tijd en een bijzonder geneesmiddel aanwenden tegen de kwaal die de menselijke samenleving heeft aangetast. Wij bedoelen de kwaal van onze tijd, het zogenaamde laïcisme, met zijn dwalingen en verderfelijke ondernemingen.
Want hoe onwaardiger de allerzoetste naam van onze Verlosser op internationale bijeenkomsten en in parlementen met stilzwijgen wordt voorbijgegaan, des te luider moet die naam worden verkondigd en des te nadrukkelijker moeten de rechten van Christus’ koninklijke waardigheid en macht worden bevestigd.
Ook de staten zullen door de jaarlijkse herhaling van dit feest eraan worden herinnerd dat niet alleen afzonderlijke personen, maar ook de overheidspersonen en bestuurders verplicht zijn Christus openlijk te vereren en Hem te gehoorzamen.
De volledige encycliek Quas primas is opgenomen onder Katholieke Klassieken.
Zie ook de vrijdagmeditatie van kardinaal Lépicier over Het koningschap van Jezus Christus.
Hymne Te saeculorum Principem
Koning Christus, uw heerschappij
alom en eeuwig eren wij.
Gij zijt de Rechter over al
wat hart en geest beroeren zal.
De boze schare schreeuwt om ’t zeerst:
Wij willen niet, dat Christus heerst.
Maar wij, wij roepen ’t luide uit,
dat uwe macht het al omsluit.
O vorst van vrede en harmonie,
bedwing de boze rebellie
en breng wie dwaalden van U heen,
in ene kudde weer bijeen.
Gij hebt aan ’t kruis met bloed bedekt
uw armen immers uitgestrekt,
en toonde uw hart, dat wreed doorwond
voor heel de wereld openstond.
Gij immers wilt aanwezig zijn
op ’t altaar onder brood en wijn,
uitdelend uit uw hart, dat bloedt,
uw heil en liefde in overvloed.
Mogen der volken leiders, Heer,
uw naam belijden en uw eer,
in staat, wet, wetenschap en kunst
spreke alles van uw liefde en gunst.