Maand gewijd aan de H. Jozef
11 maart

Inhoudsopgave Little month of Saint Joseph

En Jozef ging op uit Galilea, uit de stad Nazareth, naar Judea, naar de stad van David, die Bethlehem genoemd wordt, omdat hij was uit het huis en geslacht van David. (Lucas 2, 4.),

De reis was zwaar voor Maria, en nauwelijks minder voor de heilige Jozef, op wie alle zorg en vermoeienis rustte van het zoeken naar onderdak en tot wie alle vernederende weigeringen werden gericht. Bethlehem is Davids stad, maar voor Davids zoon wordt er geen onderdak gevonden voor Davids dochter, Maria, Moeder van de Koning der koningen. Geen klacht komt over de lippen van Jozef, geen schaduw verduistert de vrede van zijn ziel of de kalme rust van zijn gelaat.

Men kan zich gemakkelijk de glimlach voorstellen waarmee Jozefs woorden worden ontvangen wanneer hij verklaart dat hij als afstammeling van het huis van David moet worden ingeschreven. Indien Caesar iets te vrezen heeft, dan zal het gevaar zeker niet voortkomen uit deze tak van het koninklijk geslacht van Juda. En toch, wie heerst op dit ogenblik te Rome en van Rome uit over de wereld, waar is Caesar? Verdwenen, met zijn rijk, om plaats te maken voor de Plaatsbekleder van Hem die in Bethlehem werd verworpen en die door een dienaar van Caesar onder de geringsten van zijn onderdanen werd ingeschreven.

Laat ons ons wachten voor het oordelen naar het uiterlijk, anders zouden ook wij Jozef hebben kunnen verachten, de echtgenoot van Maria, de Moeder van Jezus, Koning der koningen, het eeuwige Woord, waarachtig God en waarachtig mens. Laat ons niet blozen om arm en gering te schijnen. De wereld meet haar eer en verachting naar het uiterlijk, zij werpt zich neer voor een arme en ellendige stakker, mits hij een kroon draagt, en versmaadt de ware grootheid wanneer zij het kleed der armen draagt. Wij zeggen het opnieuw, en het kan niet te dikwijls herhaald worden, veracht de minachting der wereld, meer nog, zo mogelijk, dan haar achting en eerbewijzen, dan en eerst dan zult gij de ware vrijheid bezitten, en dan en eerst dan zult gij waarlijk groot zijn.

Woord ter overweging, verschijn geringer dan gij werkelijk zijt.

De eerbiedwaardige De la Salle en de heilige Jozef

De eerbiedwaardige De la Salle stelde zijn instituut onder de bescherming van de heilige Jozef en bad dagelijks de litanieën van de heilige, terwijl hij ook zijn broeders aanbeval hetzelfde te doen, opdat de tedere zorg van de heilige Jozef voor het Kind Jezus hun tot voorbeeld zou strekken in de opvoeding van de kinderen die aan hun zorg waren toevertrouwd.

De heilige bewees hoe dierbaar de eerbiedwaardige vader hem was: toen deze ziek werd, keerde zijn kracht terug op de vooravond van Sint Jozefsdag, zodat hij op de ochtend van het feest nog de heilige Mis kon opdragen, zijn laatste. Zijn gezondheid scheen hem voor dat doel te zijn teruggegeven, maar kort daarna kreeg hij opnieuw een inzinking en enkele dagen later ontsliep hij in de Heer.